Jasmien Jaques

Author Archives

De onderneming voor de strafrechter

Blogbericht delen

Kan een onderneming strafrechtelijk worden vervolgd? Jazeker. Rechtspersonen hebben nu eenmaal een eigen strafrechtelijke verantwoordelijkheid. Deze verantwoordelijkheid dient steeds te worden onderscheiden van deze van de natuurlijke personen (denk aan bedrijfsleiders) die voor de onderneming hebben gehandeld of dit hebben nagelaten.

Welke ondernemingen zijn vatbaar voor vervolging?

In principe kan elke rechtspersoon door een strafrechtbank aansprakelijk worden geacht. Dit is nog niet lang het geval. Tot voor de wetswijziging van 2018, werden publiekrechtelijke entiteiten zoals de Belgische Staat, de gewesten, de steden,… niet beschouwd als rechtspersonen (net als feitelijke verenigingen zoals vakbonden en politieke partijen). Nu behoren deze publiekrechtelijke entiteiten wél tot de club van de rechtspersonen met strafrechtelijke verantwoordelijkheid.

De uitbreiding van de wetgever vereist weliswaar enige nuancering, aangezien de tussenkomst van de strafrechter ten aanzien van deze publiekrechtelijke instanties beperkt blijft. Enkel het uitspreken van een “eenvoudige schuldigverklaring” is mogelijk. Geen zware sancties dus voor de stad of de gemeente.

Voor welke misdrijven kan een onderneming worden gestraft?

Een rechtspersoon is enkel strafrechtelijk aansprakelijk voor het plegen van twee “soorten” misdrijven. De eerste categorie betreft de misdrijven die een intrinsiek verband hebben met de verwezenlijking van zijn doel of de waarneming van zijn belangen. Denk hierbij aan een onderneming die haar cliënteel advies geeft over interessante beleggingen, en vervolgens aandelen verkoopt op basis van een valse overeenkomst. De tweede categorie van misdrijven betreft degene die, zoals zal blijken uit de concrete omstandigheden, voor zijn rekening zijn gepleegd. Hierbij kan worden gedacht aan vervalsing van de jaarrekening.

De strafrechtelijke verantwoordelijkheid van een rechtspersoon zal vaststaan van zodra de verwezenlijking van het misdrijf hetzij volgt uit een wetens en willens genomen beslissing binnen de rechtspersoon, hetzij het gevolg is van een binnen deze rechtspersoon gepleegde nalatigheid.

Kan naast de onderneming ook de bedrijfsleider worden gestraft?

Het is niet ondenkbaar dat zowel de onderneming als de bedrijfsleiders op de beklaagdenbank terecht komen.

Tot voor 2018 was het zo dat een onderneming en de natuurlijke persoon enkel samen veroordeeld konden worden, wanneer het misdrijf opzettelijk werd gepleegd. Anders was dat voor niet opzettelijke misdrijven. In dat geval kon enkel de onderneming dan wel de natuurlijke persoon worden veroordeeld, afhankelijk van wie de zwaarste fout pleegde (decumulregeling).

Sinds 2018 is de decumulregeling afgeschaft. Sedertdien kunnen rechtspersonen en natuurlijke personen samen worden veroordeeld voor zowel opzettelijke als onopzettelijke misdrijven.

Besluit

De strafrechtelijke verantwoordelijkheid van ondernemingen valt niet meer weg te denken uit ons rechtssysteem. Ondernemers en ondernemingen worden dan ook meer en meer geconfronteerd met hun strafrechtelijke aansprakelijkheid. Ook in de wetgeving stellen we dit vast: er zijn amper nog economische, sociale, fiscale en milieuwetten die niet meer voorzien in strafbepalingen.

Ondernemingen moeten zich bewust zijn van de strafrechtelijke verantwoordelijkheid die rust op zowel de onderneming als op de bedrijfsleiding.

Komt deze bewustwording te laat, dan loert een strafrechtelijke veroordeling om de hoek.

Zowel bij het voorkomen van strafrechtelijke verantwoordelijkheid als bij de strafrechtelijke procedures en alle stappen tussenin, kunnen wij u en uw onderneming bijstaan.

Contacteer ons gerust met uw bijkomende vragen.


I plead guilty. Een blik op de procedure van voorafgaande erkenning van schuld

Blogbericht delen

Niet elk misdrijf dient te leiden tot een lange procedureslag, ook de wetgever was deze mening toegedaan. Samen met de potpourri II-wet werd de procedure van voorafgaande erkenning van schuld geboren: een buitengerechtelijke procedure waarbij de verdachte met het Openbaar ministerie kan onderhandelen over de uiteindelijke strafmaat, weliswaar nadat de verdachte zijn of haar schuld heeft erkend. Het sleutelbegrip inzake is aldus de schuldbekentenis.

De wettelijke voorwaarden

Om aanspraak te maken op deze versnelde afhandeling van het strafdossier, moet er worden voldaan aan een aantal voorwaarden. Eerst en vooral beperkt de wet de scope van de procedure tot feiten die niet van die aard schijnen te zijn dat ze gestraft moeten worden met een hoofdstraf van meer dan vijf jaar correctionele gevangenisstraf. Het gaat hier om de straf in abstracto, niet in concreto, wat wil zeggen dat de straf die in aanmerking wordt genomen deze is die het Openbaar ministerie denkt te moeten vorderen, niet de werkelijke maximale gevangenisstraf. Is dat het geval, dan kan het Openbaar ministerie opteren om een lagere straf voor te stellen dan deze die hij meende te moeten vorderen (ook straffen met uitstel, probatie-uitstel, opschorting en probatie-opschorting blijven uiteraard mogelijk).

De wet voorziet vervolgens in enkele uitsluitingen. Zo is de procedure van voorafgaande erkenning van schuld niet van toepassing bij de volgende feiten:

  • Feiten die strafbaar zouden zijn met een maximum straf van meer dan twintig jaar opsluiting als ze niet in wanbedrijven werden omgezet;
  • Verkrachting, aanranding van de eerbaarheid met de dood tot het gevolg en foltering door bloedverwant of gezaghebbende persoon ( cf. art. 375 tot 377 Strafwetboek);
  • Bederf van jeugd en prostitutie (cf. art. 379 tot 387 Strafwetboek);
  • Doodslag (cf. art. 393 tot 397 Strafwetboek)

Tot slot de meest vanzelfsprekende voorwaarde: de schuld moet worden erkend. Belangrijk is dat ook een rechtspersoon geacht wordt zijn schuld te kunnen erkennen. Rechtspersonen ten aanzien van wie het parket een straf zou vorderen cf. artikel 41bis S.W. vallen met andere woorden onder het toepassingsgebied van deze procedure.

Het verdere verloop van de procedure

Het initiatief ligt uitsluitend bij het Openbaar ministerie, enkel zij kan beslissen of er toepassing wordt gemaakt van de procedure van voorafgaande erkenning van schuld. Dit weerhoudt de verdachte of zijn advocaat er natuurlijk niet van om zelf de toepassing voor te stellen.

Na de schuldbekentenis – waarbij de verdachte verplicht wordt bijgestaan door een advocaat – zal het Openbaar ministerie een concreet voorstel doen. Het Openbaar ministerie kan, maar moet geen strafvermindering aanreiken. Het voorstel kan onmiddellijk worden aanvaard, doch de wet voorziet dat er ook bedenktijd (max. 10 dagen) kan worden gevraagd. De verdachte kan ook steeds een tegenvoorstel doen.

Werd er een akkoord bereikt, dan wordt dit opgenomen in een overeenkomst. Deze overeenkomst bevat zowel de feiten als de door de verdachte aanvaarde straffen. Werd er geen akkoord bereikt, dan kan het Openbaar ministerie besluiten om de zaak alsnog voor de feitenrechter te brengen.

Na het sluiten van de overeenkomst, wordt de overeenkomst gecontroleerd door de rechtbank. De rechtbank zal o.a. nakijken of er voldaan is aan de wettelijke voorwaarden, of de overeenkomst overeenstemt met de werkelijkheid van de feiten en met hun correcte juridische kwalificatie. Ook de proportionaliteit van de voorgestelde straffen zal worden beoordeeld. De rechtbank heeft dus twee mogelijkheden: de afgesloten overeenkomst bekrachtigen of niet. Wijzigingen aanbrengen kan de rechtbank niet. Bij bekrachtiging zal de rechtbank de straf uitspreken die in de afgesloten overeenkomst is voorgesteld. Zoniet wijst ze het verzoek tot bekrachtiging van de afgesloten overeenkomst bij gemotiveerde beslissing af.

Wat met eventuele slachtoffers?

Het slachtoffer is geen partij bij de procedure van voorafgaande erkenning van schuld. De al dan niet voorafgaande vergoeding van schade is dus geen voorwaarde in het kader van deze procedure.

Wel zullen de burgerlijke partijen een kopie ontvangen van de bereikte overeenkomst. Later zullen zij ook worden opgeroepen op de zitting strekkende tot homologatie van de overeenkomst, zodat zij op deze zitting de vergoeding van hun schade kunnen vragen. De schadevergoeding wordt beoordeeld in het kader van de procedure voor de rechtbank.

Bijstand

Bijstand van een advocaat is in een procedure van voorafgaande erkenning van schuld niet alleen onontbeerlijk, doch ook verplicht. Het vereenvoudigd en snel afhandelen van strafzaken is één ding, maar er moet natuurlijk steeds op worden toegezien dat een verdachte niet onder onredelijke dwang afstand doet van zijn recht op toegang tot een rechter.

Heeft u vragen over de procedure van voorafgaande erkenning van schuld, of wenst u te worden bijgestaan, contacteer ons gerust.

 


Scroll Up